Niet vertellen wat moet, maar ontdekken wat werkt
Na 39 jaar als huisarts te hebben gewerkt, nam Frank Greeven dit voorjaar afscheid van zijn praktijk in Oldenzaal. In die bijna vier decennia zag hij de huisartsenzorg veranderen. Ook het denken over gezondheid werd breder. Zelf keek hij al vroeg verder dan de klacht waarmee iemand zijn spreekkamer binnenkwam. Naar leefstijl en werk, maar ook naar sociale contacten, zingeving en wat iemand nodig heeft om zelf in beweging te komen. De term Positieve Gezondheid bestond toen nog niet. De gedachte erachter sluit wel aan bij hoe hij al veel langer naar gezondheid kijkt.
“Mijn generatie artsen is nog sterk opgeleid vanuit het biomedische model. Bij een lichamelijke klacht zocht je naar een lichamelijke oorzaak. Wat er verder in iemands leven speelde, stond daar min of meer buiten.”
Zelf voelde Frank al vroeg dat die benadering niet altijd voldoende was. Hij ontwikkelde een bredere, holistische kijk op gezondheid: niet alleen kijken waar iemand last van heeft, maar naar de hele mens. Wanneer ontstaan klachten? Hoe ziet iemands dagelijks leven eruit? Hoe gaat het op het werk? Hoe slaapt, eet en beweegt iemand? En wat speelt er nog meer? Toen Positieve Gezondheid later zijn intrede deed, herkende hij daarin veel van die bredere blik. “De visie van Positieve Gezondheid is: kijk naar alle facetten van het leven.”
Van patiënt naar ‘actiënt’
Frank gebruikt liever het woord ‘actiënt’ dan ‘patiënt’. Een woord dat voor hem uitdrukt dat iemand niet alleen de ontvanger van zorg is, maar zelf een actieve rol heeft: “De kern van Positieve Gezondheid is dat je je eigen energie pakt. Dat je zelf verantwoordelijkheid en eigenaarschap neemt over de klachten of ziekte die je hebt.” Dat betekent niet dat ziekte maakbaar is of dat een medische behandeling niet nodig zou zijn. Wel dat er vaak meer mogelijkheden zijn om zelf invloed uit te oefenen op gezondheid.
Hij noemt het voorbeeld van iemand met diabetes. Je kunt denken vanuit wat niet meer kan of mag en de medicijnen die nodig zijn. Maar je kunt ook onderzoeken: wat kan ik zelf doen om beter met mijn ziekte in balans te komen? Die benadering vraagt iets anders van de professional. Niet alleen vertellen wat gezond of verstandig is, maar onderzoeken wat bij iemand past.
Wat brengt iemand in beweging?
Bewegen is daarvan een goed voorbeeld. Het advies om meer te bewegen is snel gegeven, maar daarmee gaat iemand nog niet bewegen. “De een beweegt voor de gezelligheid, een ander wil zich fitter of sterker voelen en weer een ander zoekt competitie. Het verschilt ook waar en hoe iemand graag beweegt.”
Volgens Frank begint het daarom met de vraag wat bij iemand past. Wat spreekt iemand aan en waar haalt diegene plezier uit? Frank koppelt dat aan wat hij ‘beweegidentiteit’ noemt: “Je kunt iemand wel adviseren om twee keer per week naar de sportschool te gaan, maar als diegene daar niets mee heeft, werkt dat natuurlijk niet. Vraag liever: wat vond je vroeger leuk om te doen? Waar word je blij van?” Daarmee verschuift het gesprek van voorschrijven naar samen onderzoeken. Niet: dit moet je doen. Maar: wat zou voor jou kunnen werken?
Eén kleine stap kan meer veranderen
Ook hoeft niet alles tegelijkertijd anders. Het spinnenweb van Positieve Gezondheid brengt verschillende dimensies van gezondheid in beeld. Als op meerdere gebieden iets speelt, kan de vraag waar je moet beginnen juist lastig zijn. “Ik denk dat je daar als hulpverlener bij moet helpen. Kijk samen: waar sla je op aan? Waarvan denk je zelf: daar zou ik wel iets aan willen verbeteren?” Een kleine verandering kan vervolgens op meerdere gebieden effect hebben.
Wie zich aansluit bij een wandelgroep, beweegt meer, ontmoet anderen en raakt misschien in gesprek over voeding of slapen. Verandert er iets op één onderdeel, dan kan dat doorwerken op andere onderdelen. Vul je het spinnenweb later opnieuw in, dan kan het beeld er heel anders uitzien. Gedrag veranderen blijft tegelijkertijd moeilijk. Veel gewoontes zijn zo vanzelfsprekend dat we ons er nauwelijks bewust van zijn. “Op basis van discipline lukt het maar een enkeling”, zegt Frank.
Voor Frank gaat gezondheid bovendien over verbinding. Allereerst met wat je zelf belangrijk vindt. “Wat zijn je waarden? Wat betekent gezondheid voor jou?” Door keuzes te verbinden aan die waarden, wordt duidelijker wat echt bij iemand past.
Ook de verbinding met anderen speelt een belangrijke rol. Sociale contacten dragen bij aan welzijn en kunnen eenzaamheid tegengaan. Daarnaast noemt Frank de verbinding met de natuur. Buiten zijn, bewegen en rust vinden in een natuurlijke omgeving is volgens hem voor mensen van alle leeftijden waardevol. Het laat zien hoe breed gezondheid is. Niet alleen wat je eet, hoeveel je beweegt of welke klachten je hebt telt mee, maar ook wat betekenis geeft, met wie je je verbonden voelt en in welke omgeving je leeft.
Soms speelt er iets heel anders
Daarom is het volgens Frank belangrijk om nieuwsgierig te blijven als iemand niet in beweging komt. Nog een keer hetzelfde advies geven, is dan niet altijd de oplossing. “Vraag liever: wat houd je tegen? Waar zit de weerstand? Soms ontdek je dat er iets heel anders speelt.”
Bij iemand met overgewicht kan een leefstijlinterventie bijvoorbeeld een logische stap lijken. Maar als diegene grote schulden heeft, nemen de financiële zorgen misschien zoveel ruimte in dat werken aan voeding of beweging op dat moment niet lukt. “Misschien zijn de schulden op dat moment het grootste probleem.” Juist dan blijkt waarom breed kijken belangrijk is. De klacht of het gezondheidsrisico waarmee iemand binnenkomt, bepaalt niet automatisch waar de eerste stap moet liggen.
Positieve Gezondheid moet geen bubbel blijven
Frank ziet dat steeds meer huisartsen, praktijkondersteuners en andere professionals aandacht hebben voor leefstijl en Positieve Gezondheid. Tegelijkertijd ziet hij nog een uitdaging: “Het lijkt soms een beetje een bubbel van Positieve Gezondheid. We hebben het erover en zeggen dat we ermee werken. Maar hoe en wat concreet? Daar is nog wel een stap te zetten.”
In de huisartsenpraktijk is tijd daarbij een belangrijke factor. Controles en registraties vragen veel aandacht, waardoor een breder gesprek er soms bij inschiet. Terwijl juist daar kansen liggen. Bij vermoeidheid bijvoorbeeld: niet alleen onderzoeken of er medisch iets aan de hand is, maar ook vragen naar slaap, alcoholgebruik, beweging of voeding. Niet om te vertellen wat er allemaal anders moet, maar om samen te ontdekken waar ruimte is voor verandering.
‘De kunst is de manier waarop je het brengt’
De manier waarop professionals over gezondheid praten, maakt volgens Frank verschil. Vertellen wat iemand wel of niet moet doen, motiveert lang niet altijd. “Je moet er plezier en luchtigheid in brengen. Maar wel duidelijkheid.” Kijk daarom ook naar wat wél lukt en welke kleine stappen iemand al zet.
“De kunst is de manier waarop je het brengt. Niet betuttelend, maar positief. Wat vind jij leuk? Wat zou voor jou goed kunnen werken?” Zo wordt Positieve Gezondheid niet iets wat je als professional vóór iemand bedenkt, maar iets wat je samen onderzoekt.
Van weten naar doen
In opleidingen is inmiddels meer aandacht voor leefstijl en volgens Frank vinden nieuwe generaties zorgprofessionals het vanzelfsprekender om breder naar gezondheid te kijken. Maar weten is nog iets anders dan doen. Juist in de dagelijkse praktijk krijgt die bredere kijk betekenis. Niet door Positieve Gezondheid als methode boven op het bestaande werk te leggen, maar door anders te kijken en andere vragen te stellen.
Zelf nam Frank in april afscheid van zijn praktijk, maar helemaal stoppen bleek niet bij hem te passen. Binnenkort gaat hij twee dagen per week aan de slag als huisarts in Hengelo. Niet meer als praktijkhouder, maar wel weer inhoudelijk bezig en in contact met mensen. Dat juist deze praktijk veel aandacht besteedt aan Positieve Gezondheid, past goed bij de manier waarop Frank zelf al jaren werkt. Want ook na 39 jaar huisartsenzorg blijft voor hem de essentie hetzelfde: verder kijken dan de klacht en samen ontdekken wat iemand helpt om in beweging te komen.